Republikeinse kampen

In de periode van 11 oktober tot en met 19 oktober 1945 worden over heel Java en Madoera Nederlandse en Indo-Europese mannen door de Indonesische autoriteiten in kampen geïnterneerd. Het grootste deel van de vrouwen en kinderen wordt in november en december opgepakt. De opdracht tot de internering komt waarschijnlijk van president Soekarno zelf en is deels bedoeld om hen te beschermen tegen fanatieke Indonesische nationalisten én deels om deze pro-Nederlandse groep te isoleren. Alleen in Batavia en Bandoeng vinden geen interneringen plaats door de aanwezigheid ter plaatse van Britse militairen. De arrestatie en internering van Indo-Europese mannen in Soerabaja verloopt chaotisch en zeer gewelddadig. De mannen en jongens worden gescheiden van de vrouwen en kinderen.
In de laatste drie maanden van 1945 worden in totaal circa 46.000 mannen, vrouwen en kinderen geïnterneerd. Op Java en Madoera hebben voor korte of langere tijd 398 republikeinse kampen bestaan. Onder de groep van 46.000 personen bevinden zich circa 4.500 blanke Nederlanders (totoks). Na de Japanse capitulatie op 15 augustus hebben zij het geallieerde bevel om in de kampen te blijven genegeerd en zijn op eigen houtje naar hun oude woningen in republikeins gebied teruggekeerd.
Eind november vraagt de Britse legerleiding aan de Indonesische autoriteiten hulp bij de evacuatie van de Japanners en de Europese geïnterneerden. De Nederlandse autoriteiten worden buiten de besprekingen gehouden. In april 1946 sluiten de Indonesische autoriteiten met de Britse legerleiding op Java een formeel akkoord over de evacuatie van alle geïnterneerden vanuit republikeins gebied naar de steden. De Indonesische organisatie POPDA (Panitia Oeroesan Pengangkoetan Djepang dan APWI - Organisatie voor de evacuatie van Japanners en APWI) is verantwoordelijk voor de evacuatie. Tussen januari 1946 en mei 1947 slaagt POPDA erin om circa 36.746 geïnterneerden vanuit republikeins gebied te evacueren en aan de Britten over te dragen. Naar schatting 8.000 tot 9.000 mensen kiezen ervoor om in republikeins gebied te blijven en Indonesisch staatburger te worden (warga negara).

Literatuur

H.Th. Bussemaker, Bersiap! Opstand in het paradijs. De Bersiap-periode op Java en Sumatra 1945-1946 (Zutphen, 2005).
Mary C. van Delden, De republikeinse kampen in Nederlands-Indië oktober 1945-mei 1947. Orde in de chaos? (Kockengen, 2007).

Informatie o.a. in:

Toegang 2.22.21, inv.nrs. 833 t/m 854 (Collectie Archives du Comité International de la Croix-Rouge, Genève)
Toegang 2.10.62, inv.nrs, 1941, 2258 en 2281,
Toegang 2.13.72, inv.nrs. 355, 1985, 1990, 1991 en 1992,
Toegang 2.13.132, inv.nrs 1447


Alleen te raadplegen op de studiezaal:

Toegang 2.10.62, inv.nr. 3414 (Evacuatielijst Goentoerkamp, Malang 1946)