Bombardementen op Nederlands-Indië

De eilanden in het oosten van de archipel komen gaandeweg 1944 binnen het bereik van de Amerikaanse legerluchtmacht die opereert vanaf bases in Nieuw-Guinea. Japanse posities op en rond Nieuw-Guinea, de Molukken en Celebes worden met regelmaat gebombardeerd. Ook voeren geallieerde vliegtuigen aanvalsmissies uit tegen het scheepvaartverkeer rond deze eilanden. Het krachtige Amerikaanse luchtoffensief wordt uitgevoerd door de 13de Air Force en de 5de Air Force. Beide eenheden worden op 15 juni 1944 samengevoegd tot de Far East Air Forces en staan onder bevel van generaal George C. Kenny. Het verkrijgen van een plaatselijk luchtoverwicht is een essentiële voorwaarde voor de opmars van MacArthur. Vanaf 1943 hebben de Amerikanen niet alleen de beschikking over meer maar ook over kwalitatief betere vliegtuigen dan de Japanners. In de op de Japanners veroverde gebieden worden bestaande vliegvelden uitgebreid en leggen constructieploegen in hoog tempo nieuwe vliegvelden aan. Vanuit Noord-Australië voeren vanaf januari 1943 Nederlandse vliegers van 18 Squadron (NEI) RAAF aanvallen uit op schepen en tegen Japanse posities op onder andere Timor en de Aroe-eilanden.

Literatuur

Richard B. Frank, MacArthur (New York, 2007).
O.G. Ward, De Militaire Luchtvaart van het KNIL in de jaren 1942-1945 (Houten, 1985)

Informatie o.a. in:

Alleen raadpleegbaar op de studiezaal:


Toegang 2.13.93, inv.nrs. 1 t/m 6 en 21 en 22 (18, 119 en 120 Squadron)
Toegang 2.13.132,

- inv. nrs. 1844 (Headquarters Fifth Air Force USAAF) en 1845 (Headquarters Thirteenth Air Force USAAF)

- inv. nrs 1178-1790 (Intelligence Summary van HQ-AAFSPA, Directorate of Intelligence, rapporten met samenvatting van militaire inlichtingen van algemene en operationele aard.

- inv. nrs. 1792 t/m 1798 (Intelligence Situation Reports van Headquarters Allied Air Forces, late van Headquarters RAAF Command, Allied Air Forces Southwest Pacific Area, dagelijkse inlichtingenrapporten inzake de situatie binnen het operatiegebied, 1944-1945.